Naar de inhoud
Kennis

58 van de 140 bedrijven
hebben geen vectorlogo

Wie zijn logo niet kan vergroten, laat het natekenen. Wat er dan komt te hangen is de versie van de standbouwer. Ik heb geteld hoe vaak dat voorkomt bij bedrijven die net een overname achter de rug hebben.

De aanleiding

Een PNG van de website

De eerste beurs na de fusie komt eraan. De standbouwer vraagt om het logo in vectorvorm. Iemand stuurt wat er in de map staat: een PNG van achthonderd pixels breed, ooit van de website geplukt.

De standbouwer tekent het na. Dat is zijn werk, hij doet het netjes, en niemand merkt er iets van. Behalve dat het logo dat vanaf dat moment op elke stand staat, niet meer uw logo is. Het is de interpretatie van iemand die onder tijdsdruk zijn best heeft gedaan.

Dit is geen zeldzaam ongeluk. Ik heb het geteld.

De meting

Wat er uit 140 sites kwam

Tussen maart en augustus 2026 heb ik Nederlandse overname- en fusieberichten verzameld, opgezocht welke bedrijven erin genoemd werden, en hun website aangeroepen. Dat waren er 163. Daarvan kwamen er 140 bruikbaar terug.

58van de 140 hebben geen vectorversie van het logo. Wie het op een gevel wil, laat het natekenen.
68van de 140 hebben geen deelbeeld. Deelt u zo’n pagina, dan komt er een grijs vlak mee.
46van de 140 hadden beide gemeten punten in orde. Eén op de drie.

Dat laatste getal is het getal dat telt. Bij de overige 94 ligt er werk dat niemand had belegd, bij bedrijven die net een overname achter de rug hebben en dus net het moment beleven waarop hun merk moet kloppen.

Het verschil

Waarom een vectorbestand geen technisch detail is

Een vectorbestand is een logo dat is opgeschreven als wiskunde in plaats van als plaatje. Daardoor blijft het scherp op elk formaat: van een favicon van zestien pixels tot gevelletters van twee meter.

Een PNG of een JPG is een raster van punten. Vergroot u dat, dan vergroot u de punten. Op een scherm valt dat mee. Op een gevelplaat is het onbruikbaar.

Ontbreekt de vector, dan gebeurt er één van twee dingen. Of een leverancier tekent hem na, en u betaalt voor werk dat u al had moeten bezitten. Of iemand stuurt de bitmap door en de drukker doet zijn best, met een resultaat dat niet op te lossen is met een telefoontje.

De kosten daarvan staan op geen enkele rekening als merkkosten. Ze staan er als uren van een signmaker.

De kruistabel

Wat er tegelijk misgaat

Ik heb de twee punten ook naast elkaar gelegd, omdat de aanname voor de hand ligt dat een bedrijf dat het ene mist, het andere ook mist.

Mét vectorlogoZonder vectorlogoTotaal
Mét deelbeeldMét vectorlogo46Zonder vectorlogo26Totaal72
Zonder deelbeeldMét vectorlogo36 (44% van 82)Zonder vectorlogo32 (55% van 58)Totaal68
TotaalMét vectorlogo82Zonder vectorlogo58Totaal140

Van de sites mét een vectorlogo mist 44 procent alsnog een deelbeeld. Van de sites zonder vectorlogo is dat 55 procent. Dat verschil lijkt iets te betekenen, en het betekent niets.

Getoetst: chi-kwadraat 1,73 bij één vrijheidsgraad, p = 0,19. Bij 140 sites is dat niet van toeval te onderscheiden. Ik zet het er toch bij, want het is precies wat er misgaat als iemand met een kruistabel zwaait zonder hem na te rekenen. Er staan hier twee waarnemingen naast elkaar, geen verband.

De beperkingen

Wat de cijfers niet zeggen

De groep is niet representatief voor Nederland. Het zijn bedrijven uit overname- en fusieberichten. Wie zo’n bericht haalt is groter dan gemiddeld en zit in een fase waarin er veel tegelijk gebeurt.

Twee gemeten punten zijn geen oordeel over een merk. Ze zeggen iets over de staat van de bestanden, niet over de kwaliteit van het ontwerp of van het bedrijf.

Een scan ziet alleen wat er gepubliceerd is. Ligt er intern een compleet merkboek dat nergens op de site terechtkomt, dan telt dat hier als ontbrekend. Dat is een bewuste keuze, want een leverancier ziet ook alleen wat er gepubliceerd is. Voor hem bestaat wat hij niet kan vinden niet.

De volledige methode en alle eenentwintig meetpunten staan open, zodat u het kunt natrekken.

Zelf nakijken

Drie dingen, vanmiddag nog

01 Zoek het logo op

Niet de map waarvan u denkt dat hij goed is, maar het bestand dat vorige week naar een leverancier is gestuurd. Eindigt het op .svg, .eps of .ai, dan hebt u een vector. Eindigt het op .png of .jpg, dan niet.

02 Plak uw webadres in een bericht

Zet het in een LinkedIn-bericht en kijk wat er verschijnt vóórdat u op plaatsen drukt. Komt er een grijs vlak, dan mist u het deelbeeld.

03 Doe het ook voor de ander

Het overgenomen bedrijf is waar het meestal misgaat, want daar is na de overname niemand meer die het beheert.

Wat u dan weet

De punten waarop u het antwoord niet weet, zijn de punten waarop iemand anders het al voor u heeft ingevuld.

De volledige meting

Wat een diagnose hieraan toevoegt

De scan hierboven leest twee punten af, omdat dat de enige twee zijn die een website zelf publiceert. De overige negentien vragen om materiaal dat er niet op staat: de bronbestanden, de drukwaarden, de sjablonen, de reactietijd op een aanvraag.

Die negentien gaan met de hand. Bij een overname of fusie langs beide entiteiten naast elkaar, zodat zichtbaar wordt waar ze uiteenlopen en wat er van elk overeind kan blijven.

Dat is de diagnose: vijf werkdagen, € 950, eenentwintig punten met het bewijs erbij. U krijgt het schriftelijk. Er staat geen cijfer onder en geen aanbeveling in: per punt staat wat er is aangetroffen, en wat dat betekent ligt vooraf vast.

Gaat er daarna een traject van start, dan wordt dat bedrag volledig verrekend. Gaat het niet door, dan houdt u de uitkomst en bent u nergens aan gebonden.

Hoe een uitkomst eruitziet staat bij Demonstraties, met alle waarden erbij zodat u ze kunt narekenen.

Weet u of uw logo te vergroten is?

Vraag de diagnose aan